Laden…

Zwartnekarassari

(Pteroglossus aracari)

De zwartenekarassari is een opvallende vogel die bekendstaat om zijn kleurrijke verenkleed en karakteristieke snavel. Hij behoort tot de toekanfamilie en trekt met zijn bijzondere uiterlijk direct de aandacht.

De soort werd in 1758 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Carl Linnaeus, onder de naam Ramphastos aracari. Later, toen de kennis over vogelclassificatie werd uitgebreid, werd de zwartnekarassari heringedeeld onder het geslacht Pteroglossus.

Zwartnekarassari | Almere Jungle
Zwartnekarassari | Almere Jungle

Uiterlijke kenmerken

Het verenkleed van de zwartnekarassari is opvallend: een zwarte rug en nek, een rode band om de buik en een gele borst. De snavel is groot en licht van kleur met donkere accenten. Hoewel de snavel massief en zwaar lijkt, is dat niet het geval. Hij bestaat uit hoorn, dat wordt ondersteund door een netwerk van bot.

De zwartnekarassari is een echte fruiteter, en de lange snavel helpt hierbij. Wat er misschien onhandig uitziet, is juist een voordeel: met deze snavel kunnen ze fruit gemakkelijker bereiken en verzamelen dan veel andere vogels.

Gedrag

Zwartnekarassari’s zijn sociale vogels die in kleine groepen van 6 tot 12 dieren leven. Ze communiceren veel met schelle roepen om elkaar te waarschuwen of contact te houden. Het grootste deel van hun tijd brengen ze door in de boomtoppen, actief op zoek naar voedsel.

Hun dieet bestaat voornamelijk uit fruit, maar ook uit insecten en kleine gewervelde dieren. Door het eten van fruit en het verspreiden van de zaden via hun ontlasting dragen ze bij aan het herstel en behoud van het regenwoud. Zo spelen zwartnekarassari’s een belangrijke rol in het ecosysteem.

Leefomgeving

De zwartnekarassari komt voor in het noordoostelijke en oostelijke deel van Zuid‑Amerika. Hun verspreidingsgebied omvat onder andere Brazilië, Frans‑Guyana, Guyana, Suriname en Venezuela, waar ze vooral leven in tropische regenwouden en vochtige laaglandbossen. Binnen deze gebieden blijven ze voornamelijk in de boomtoppen, waar ze voedsel zoeken en rustplaatsen vinden.

Voortplanting

Voor hun nest maken zwartnekarassari’s gebruik van boomholtes, vaak ontstaan door natuurlijke processen of door verlaten spechtenholen. Het vrouwtje legt per keer gemiddeld twee tot vier eieren, die na ongeveer 16 dagen uitkomen. Het broeden wordt meestal door één ouder verzorgd, terwijl beide ouders zich daarna samen inzetten voor de verzorging van de kuikens.

De eerste zes weken zijn de jongen volledig afhankelijk van hun ouders voor bescherming en voedsel. Na deze periode zijn ze zelfstandig genoeg om het nest te verlaten en de boomtoppen te verkennen.

Zwartnekarassari | Almere Jungle

Leuke en interessante weetjes

De snavel van de zwartnekarassari past zich snel aan de omgevingstemperatuur aan. Zo kunnen ze via hun snavel snel lichaamswarmte afgeven.

Het mannetje en vrouwtje lijken sterk op elkaar. Het verschil is te zien aan de snavel: het volwassen mannetje heeft een langere snavel, wat hem helpt bij het verdedigen van zijn territorium.

Ondanks hun kleurrijke uiterlijk kunnen zwartnekarassari’s goed opgaan in het bladerdak, waardoor ze moeilijk te spotten zijn voor roofdieren.

Zwartnekarassari in Almere Jungle

Onze zwartnekarassari deelt een verblijf met de witoorpenseelaapjes en pauwstaartzoetwaterroggen.

Wil je de zwartnekarassari ontmoeten? Koop nu je entree kaartjes online met korting! Aan de kassa geldt het reguliere entree tarief.