De bekerplant is een geslacht van vleesetende planten die hun prooien vangen in aangepaste bladeren die de vorm van hangende bekers hebben. De prooien variëren van vliegende en niet vliegende insecten tot kleine gewervelden zoals muizen en hagedissen, variërend per plantensoort. Deze planten groeien op een bodem met weinig voedingsstoffen, maar kunnen ze door het vangen van prooidieren toch nog aan missende voedingsstoffen komen.
Nepenthaceae
Borneo
Vangbeker: 2 - 40 cm
Niet bedreigd tot ernstig bedreigd
Het geslacht van de bekerplant heeft veel soorten die er allemaal net iets anders uit zien. Toch hebben ze een aantal opvallende overeenkomende kenmerken. Zo zijn dit vaak klimplanten en vormen stengels die zich vast kunnen grijpen. Deze stengels kunnen wel 20 meter omhoog klimmen. De vangbekers worden aan de uiteinden van bladeren gevormd en kunnen niet alleen per soort van uiterlijk verschillen, maar ook wanneer ze hoog of laag aan de plant groeien.
Bekerplanten komen voornamelijk voor op de eilanden in Zuidoost-Azië en groeien op veel hoogteverschillen. 70% van het geslacht leven op een hoogte van 1000 – 3000 meter en worden hoogland bekerplanten genoemd. De andere 30% leeft op een hoogte onder de 1000 meter en worden laagland bekerplanten genoemd. Hoewel dit geslacht ook wel de tropische bekerplant wordt genoemd, is dit niet een typische jungleplant en houdt eerder van zonnige hellingen/kliffen.
De Bekerplant plant zich geslachtelijk voort door middel van het produceren van bloemen en stuifmeel. Planten van dit geslacht zijn mannelijk of vrouwelijk, dus er zijn twee planten nodig om nieuwe planten te creëren. Daarnaast kan deze plant zich ook ongeslachtelijk voortplanten door middel van stekken.
Naast hun unieke bijdrage aan de kringloop van voedingsstoffen, beschikken sommige soorten van de bekerplant ook over relaties met organismen. Zo heeft Nepenthes bicalcarata een samenwerking met een mierensoort. Deze bekerplant is niet goed in het vangen van insecten, omdat hij geen gladde rand en verterende vloeistof heeft ten opzichte van andere soorten. Daarom biedt die de mieren een beschermde leefruimte in verdikkingen van de stengels in ruil voor het schoonhouden, beschermen en het voorzien van voedingsstoffen van en voor de plant.
De Engelse naam voor bekerplant is ‘Pitcher plant’ en betekent letterlijk ‘kan plant’. De grootste soort bekerplant kan bekers groeien van 40 cm lang met een inhoud van maar liefst 3,5 liter.
Er bestaan op dit moment meer dan 100 verschillende soorten van het geslacht van de bekerplant.
Bekerplanten gebruiken ook bladafval en dierlijke uitwerpselen als bron van voedingsstoffen.
De bekerplanten vind je in Almere Jungle bij het vleesetend moeras.
Kom jij deze bijzondere plant bewonderen?
Koop nu je entree kaartjes online met korting! Aan de kassa geldt het reguliere entree tarief.