De konijnen in Almere Jungle zijn gedomesticeerde konijnen. Zij stammen af van het Europees konijn, een wilde soort die oorspronkelijk voorkomt in delen van het Iberisch Schiereiland en Zuidwest-Frankrijk. Door de mens is deze soort al eeuwen geleden gedomesticeerd en over de wereld verspreid.
Wilde Europese konijnen leven vaak in groepen en graven uitgebreide gangenstelsels onder de grond, ook wel holenstelsels genoemd. Deze gangen bieden bescherming tegen roofdieren en vormen een veilige plek om te rusten en jongen groot te brengen. Door hun graafgedrag beïnvloedt het Europees konijn de bodemstructuur en ontstaan schuilplaatsen voor andere dieren. Daardoor speelt deze wilde voorouder een belangrijke ecologische rol.
0,8 – 10 kg, afhankelijk van het ras
20 – 75 cm, afhankelijk van het ras
In het wild: 2 jaar
Onder menselijke zorg: 8 – 12 jaar
Struiken, grassen en kruiden
N.V.T. (gedomesticeerd)
Voorouder (Europees konijn) Bijna bedreigd
Ontwikkeld in Europa
Het Europees konijn heeft een compact lichaam, lange oren en sterke achterpoten. De vacht is meestal grijsbruin, waardoor het konijn in de natuur goed opgaat in zijn omgeving. Met zijn lange oren kan het zachte geluiden van ver weg opvangen en de lichaamstemperatuur reguleren. De krachtige achterpoten helpen het dier om snel te rennen en grote sprongen te maken wanneer er gevaar dreigt.
Gedomesticeerde konijnen hebben veel van deze kenmerken behouden. Door eeuwenlange fokkerij zijn er grote verschillen ontstaan in grootte, lichaamsbouw, vachtlengte en kleur. Daarom kunnen tamme konijnen er heel verschillend uitzien: van klein en licht tot groot en stevig gebouwd, met een vacht die bruin, grijs, wit, zwart, gevlekt of bont kan zijn. Ook bij deze konijnen zie je vaak de bewegende neus, waarmee ze voortdurend geuren uit hun omgeving waarnemen.
Konijnen zijn sociale dieren die van nature in groepen leven. Hun wilde voorouder, het Europees konijn, leeft in kolonies en graaft uitgebreide gangenstelsels met verschillende kamers. Deze holen gebruiken ze om te schuilen, te rusten en hun jongen groot te brengen.
Wilde konijnen zijn vooral actief tijdens de schemering en vroege ochtend. Door op deze momenten op zoek te gaan naar voedsel, verkleinen ze de kans om door roofdieren gezien te worden. Bij gevaar waarschuwen ze soortgenoten door met hun achterpoten hard op de grond te stampen.
Ook gedomesticeerde konijnen laten nog veel van dit natuurlijke gedrag zien. Ze communiceren met elkaar via geur, lichaamshouding en zachte geluiden. Graven, verkennen en schuilen zijn nog steeds belangrijke gedragingen voor een konijn.
Het Europees konijn, de wilde voorouder van het gedomesticeerde konijn, leeft van nature in open en halfopen gebieden met een losse bodem waarin hij goed kan graven. Graslanden, duinen, akkers en bosranden bieden geschikte leefgebieden, vooral wanneer er voldoende struiken of andere beschutting aanwezig is.
In deze gebieden graven wilde konijnen uitgebreide holenstelsels met meerdere in- en uitgangen. Deze gangen bieden een veilige plek om te rusten, jongen groot te brengen en snel te kunnen schuilen bij gevaar.
Door de mens zijn konijnen wereldwijd verspreid geraakt. De gedomesticeerde konijnen die tegenwoordig worden gehouden, leven in door mensen gemaakte omgevingen, maar hebben nog steeds veel natuurlijke behoeften, zoals voldoende ruimte om te bewegen, te graven en te schuilen.
Europese konijnen leven in kolonies en hebben geen vaste partner voor het leven. Binnen een kolonie is een rangorde aanwezig, die invloed heeft op de kans om zich voort te planten. Na de paring maakt het vrouwtje een aparte nestkamer waarin ze een nest bouwt van gras en haar eigen vacht.
Na een draagtijd van ongeveer 30 dagen worden gemiddeld 4 tot 12 jongen geboren. De jongen komen kaal en blind ter wereld en blijven de eerste weken veilig in het nest. Het vrouwtje verzorgt de jongen totdat ze zelfstandig genoeg zijn om het nest te verlaten.
Konijnen kunnen zich al op jonge leeftijd voortplanten, soms vanaf drie tot vijf maanden. Door deze snelle voortplanting kunnen populaties onder goede omstandigheden snel groeien.
Zie je één konijn? Dan zijn er vaak meer in de buurt. Konijnen zijn sociale dieren die graag samenleven met soortgenoten.
Door eeuwenlange fokkerij bestaan er inmiddels honderden verschillende konijnenrassen. Mensen hebben geselecteerd op allerlei eigenschappen, zoals grootte, vacht, kleur en oorvorm. Hierdoor bestaan er tegenwoordig konijnen van minder dan één kilo tot echte reuzen van meer dan zeven kilo!
Wanneer een konijn gevaar ontdekt, stampt hij hard met zijn achterpoten op de grond. Het geluid waarschuwt andere konijnen in de buurt en kan soortgenoten onder de grond bereiken.
Een konijn kan niet overgeven. Daarom is het belangrijk dat hij alleen voedsel eet dat veilig verteerbaar is.
De konijnen in Almere Jungle zijn opvangdieren en kan je vinden in A-Jay’s Basecamp. Zijn laboratorium is ook het binnenverblijf van deze dieren.
Wil je het konijn ontmoeten? Koop nu je entree kaartjes online met korting! Aan de kassa geldt het reguliere entree tarief.