De Wollemia-den wordt vaak een levend fossiel genoemd. Verwanten van deze bijzondere boom leefden al in de tijd van de dinosaurussen en lange tijd dacht men dat deze plantengroep was uitgestorven. Totdat parkwachter David Noble in 1994 tijdens een tocht door het Wollemi National Park in Australië een groep onbekende bomen ontdekte. De vondst bleek een compleet nieuw geslacht binnen de apenboomfamilie te zijn.
Hoe oud individuele Wollemia-dennen kunnen worden, is nog niet precies bekend. Sommige van de oudste wilde bomen worden op honderden tot mogelijk meer dan duizend jaar oud geschat.
Apenboomfamilie (Araucariaceae)
Australië
In het wild: 40 meter
Gecultiveerde individuen: 20 meter.
Ernstig bedreigd
De Wollemia-den is een groenblijvende naaldboom die in het wild tot ongeveer 40 meter hoog kan worden. Vooral de schors is opvallend. Bij oudere bomen is deze roodbruin en bedekt met zachte, sponsachtige knobbeltjes. Hierdoor lijkt de stam een beetje op bubbelchocolade.
De bladeren zijn plat en smal en staan netjes langs de takken gerangschikt. De precieze vorm en stand van de bladeren verandert naarmate de boom ouder wordt. Ook bijzonder is dat de boom vanuit zijn basis meerdere stammen kan vormen.
Alle oorspronkelijke wilde Wollemia-dennen groeien in een zeer klein gebied in het Wollemi National Park in New South Wales, Australië. De exacte locaties worden geheimgehouden om de bomen te beschermen.
Ze groeien in diepe, vochtige zandstenen kloven die beschutting bieden tegen de omstandigheden daarbuiten. Doordat de wilde populatie zo klein is en slechts op een paar dicht bij elkaar gelegen plekken voorkomt, is de soort erg kwetsbaar voor bijvoorbeeld bosbranden, ziektes en klimaatverandering.
De Wollemia-den kan zich zowel geslachtelijk als ongeslachtelijk voortplanten. Aan dezelfde boom groeien mannelijke en vrouwelijke kegels. De mannelijke kegels produceren stuifmeel, terwijl zich in de vrouwelijke kegels na bestuiving zaden kunnen ontwikkelen.
Daarnaast kan de boom nieuwe stammen vanuit zijn basis laten groeien. Hierdoor kan één genetisch individu uit meerdere stammen bestaan. De Wollemia-den kan ook worden vermeerderd uit onder andere stekken, zaden en weefselkweek.
Omdat de Wollemia-den van nature nog maar in een heel klein gebied voorkomt, draait zijn verhaal vooral om natuurbehoud. De kleine populatie en beperkte genetische variatie maken de soort kwetsbaar voor grote veranderingen en ziektes.
Daarom worden Wollemia-dennen ook buiten hun oorspronkelijke leefgebied gekweekt en bewaard. Botanische tuinen en andere organisaties werken samen om genetisch diverse collecties op te bouwen. Zo bestaat er een extra vangnet voor het geval de wilde populatie verder achteruitgaat.
Ook in Almere Jungle kun je twee exemplaren van deze bijzondere boom vinden.
Tijdens de enorme Australische bosbranden van 2019–2020 kwam het vuur gevaarlijk dicht bij de wilde Wollemia-dennen. Brandweerlieden en natuurbeheerders voerden een speciale reddingsactie uit met blusvliegtuigen en een irrigatiesysteem om de bomen te beschermen. Het grootste deel van de volwassen populatie overleefde.
De exacte locaties van de wilde bomen worden niet openbaar gemaakt. Zo worden de zeldzame bomen beschermd tegen illegale bezoekers en tegen ziekteverwekkers die mensen onbedoeld kunnen meenemen.
De wetenschappelijke naam Wollemia nobilis verwijst zowel naar het Wollemi National Park als naar David Noble, de parkwachter die de bijzondere bomen in 1994 ontdekte.
Een Wollemia-den kan vanuit zijn basis steeds nieuwe stammen maken. Daardoor kan wat eruitziet als een groep bomen in werkelijkheid uit stammen van hetzelfde genetische individu bestaan.
De Wollemia-den in Almere Jungle vind je buiten in de Woodhenge. Hier leer je alles over de kwetsbaarheid van dieren en planten.
Kom jij deze bijzondere plant bewonderen?
Koop nu je entree kaartjes online met korting! Aan de kassa geldt het reguliere entree tarief.